terug

Emery Reves, pleitbezorger van het wereldfederalisme

Henk bij de Weg

Emery Reves behoort niet tot de principiŽle vredesbeweging. Hij vond de inzet van militaire middelen onder bepaalde omstandigheden volledig acceptabel.1 Zijn persoonlijke ervaringen en de ontwikkelingen in de wereld om hem heen, die zich twee maal kort na elkaar in een wereldoorlog verstrikt zag raken, brachten hem echter tot inzichten die een dermate groot vredespotentieel hebben, dat het zeker op zijn plaats is hier aandacht aan hem te geven. Meer nog, zijn ideeŽn, die destijds tijdens de Tweede Wereldoorlog, nog utopisch leken (maar wel veel belangstelling kregen), blijken nu, met name in de Europese Unie, op regionale schaal al voor een deel gerealiseerd. Reves is namelijk een van de belangrijkste pleitbezorgers van het wereldfederalisme geweest.

Levensloop

Reves was geen politicus. Eerder was hij een figuur op de achtergrond, maar door zijn relatie met Churchill is hij wel invloedrijk geweest. Geboren in 1904 in Hongarije, trok hij voor zijn studie naar West-Europa, waar hij uiteindelijk in ZŁrich promoveerde. Hij werd journalist en schrijver maar ook uitgever. Door zijn geschriften kwam Reves in botsing met de naziís en in 1933 vluchtte hij van Berlijn naar Parijs, waar hij inmiddels een persdienst en uitgeverij had opgericht (die later naar Londen en vervolgens naar New York werden overgeplaatst). Reves reisde veel. In 1937 kwam hij in contact met Churchill, met wie hij bevriend raakte. Later zou hij diens memoires uitgeven. In 1941 vestigde Reves zich als journalist in New York. Ook was hij daarna actief bij het opbouwen van de Britse propagandaorganisatie voor Noord- en Zuid-Amerika. Later keerde hij naar Europa terug, trouwde met het Amerikaanse fotomodel Wendy Russell en richtte zich met haar op het verzamelen van kunst. Reves overleed in 1981.

Soevereiniteit en oorlog

Was zijn levensloop al opmerkelijk, minstens even opvallend waren de twee boeken die Reves schreef: A democratic manifesto (1942) en The anatomy of peace (1945). Vooral het laatste trok veel aandacht. Deze boeken vormen de basis van zijn opvattingen over het wereldfederalisme.

Reves ziet als ťťn van de belangrijkste kwalen van zijn tijd (en dat geldt eigenlijk nog steeds) het nationalisme. Hierin is de natie het centrum van ons politieke en sociale wereldbeeld. De relaties tussen de mensen binnen een natie enerzijds en de relatie met mensen in andere naties anderzijds zijn in deze opvatting kwalitatief verschillend. Dit heeft lang goed gefunctioneerd, aldus Reves, maar de wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen van de industriŽle revolutie hebben dit wereldbeeld achterhaald en het past niet meer bij de politieke realiteit. Met een verwijzing naar de ontwikkelingen in de sterrenkunde noemt Reves ons wereldbeeld PtolemaeÔsch (de Griekse geleerde Ptolemaeus Ė 87-150 Ė meende dat de aarde plat was en dat de zon en sterrenhemel om de aarde draaiden) , terwijl de wereld waarin we leven Copernicaans is (de Poolse geleerde Copernicus Ė 1473-1543 Ė liet zien dat de aarde een bol is en zich met de andere planeten in een baan om de zon beweegt). De hedendaagse wereldproblemen kunnen alleen opgelost worden door boven de dogmatische visie waarin de natie centraal staat uit te rijzen en zich te realiseren dat de internationale relaties zich aan het herordenen zijn.

Reves analyseert de diverse benaderingen die ontstaan zijn om de hiervoor geschetste tegenstelling op te lossen, zoals het kapitalisme, het socialisme en, wat in zijn tijd zeer actueel was, het fascisme. Al deze benaderingen zijn echter in het nationalisme blijven steken. Zolang dit niet verandert en zolang soevereiniteit aan de natie gebonden blijft, is het regelmatig uitbreken van oorlogen onvermijdelijk.

Oorlog en soevereiniteit hebben evenwel een bepaalde ontwikkeling ondergaan, aldus Reves. Ze zijn als het ware naar steeds hogere eenheden opgeschoven. Oorlog vindt namelijk plaats waar en wanneer niet-geÔntegreerde eenheden met gelijke soevereiniteit met elkaar in aanraking komen. Eerst was dat tussen kleine groepen, feodale heren en dergelijke. Moesten deze hun soevereiniteit afstaan aan hogere eenheden, dan botsten die op hun beurt. Aan deze oorlogen kwam een einde als deze eenheden gedwongen waren hun soevereiniteit aan weer hogere eenheden af te staan. Vervolgens kwamen deze hogere eenheden dan met elkaar in botsing. In feite veranderde er daarom niet zoveel, behalve dit: de institutionalisatie van de soevereiniteit van een lager op een hoger niveau. Reves concludeert hieruit dat vrede geen technisch maar een sociaal probleem is. Vrede handhaven door sterke legers tegenover elkaar te plaatsen, of door ontwapening of het afschaffen van de legers, is niet mogelijk. Het probleem zit in de soevereiniteit. Deze soevereiniteit is verspreid over een groot aantal naties. Daarom zullen deze geÔntegreerd moeten worden in een boven de naties staand orgaan dat een wettelijke orde kan creŽren waarin de mensen gelijke veiligheid, gelijke wettelijke verplichtingen en gelijke rechten hebben. Het idee van Reves is nu niet zozeer dat de naties afgeschaft moeten worden, maar dat alle zaken op de juiste niveauís behandeld moeten worden: lokale zaken op lokaal niveau, nationale zaken door een nationale regering en internationale zaken door een internationale regering, een wereldregering. Dit betekent dat de naties als territoriale en bestuurlijke eenheden blijven bestaan, maar dat de hoogste autoriteit bij de wereldregering ligt die namens de mensen de soevereiniteit uitoefent.

Een dergelijke structuur heeft vergaande consequenties voor de vrede, aldus Reves. Totnogtoe berustte vrede op verdragen tussen naties. Verdragen kunnen echter geen vrede garanderen. Vrede kan alleen tot stand gebracht worden via een orde die gebaseerd is op recht. Dit is in het verleden op lager niveau al vele malen gebleken. Verdragen zijn statisch en gericht op het belang van de afzonderlijke naties. De wet is dynamisch en gericht op het algemeen belang. Het is een methode om met menselijke zaken om te gaan. Daarom moet de orde van internationale politiek, diplomatie en verdragen vervangen worden door een orde gebaseerd op recht en een wereldregering, en wel een wereldregering die democratisch gecontroleerd wordt met eigen onafhankelijke wetgevende, juridische en uitvoerende lichamen en ook met eigen geweldsmiddelen om de wet af te dwingen. Geweld uitgevoerd door een wereldregering betekent echter geen oorlog, want oorlog vindt plaats tussen gelijke sociale eenheden. Geweld en macht uitgeoefend door de wereldregering versterkt en ondersteunt de wettelijke orde en daarmee de vrede. Reves zag dan ook de Verenigde Naties niet als een soort wereldregering, want de VN kwam volgens hem niet uit boven het stadium van verdragen en van het internationalisme, dus van relaties tussen regeringen in plaats van een boven de nationale regeringen staande macht. Bij de VN gaat het nog steeds om de belangen van afzonderlijke staten en vooral die van de grote mogendheden.

Beperkte realisatie

Revesí boeken waren een krachtige stimulans voor het, overigens al oudere, idee van het wereldfederalisme. Zelf brak hij echter na een aantal jaren met de wereldfederalistische beweging en keerde er zich teleurgesteld van af. Hij had het gevoel dat zijn boodschap vergeten was. Het is waar dat in zijn tijd de resultaten ervan niet overweldigend waren. Al snel zijn echter na de Tweede Wereldoorlog stappen gezet tot de oprichting van een aantal organisaties die heden ten dage (wereld)federalistische trekken vertonen.

Dat Reves de Verenigde Naties niet als een stap op weg naar een wereldregering zag, is gezien zijn kritiek wel begrijpelijk. De discussies en maatregelen, vooral die in en van de Veiligheidsraad, gingen in zijn tijd het niveau van het belang van de afzonderlijke leden nauwelijks te boven. Het zou bijna 50 jaar sinds de oprichting duren tot de VN een aantal trekken begon te vertonen die men wereldfederalistisch zou kunnen duiden. Hiervoor was echter wel een belangrijke wereldpolitieke verandering nodig, namelijk de instorting van het communisme en het uiteenvallen van de Sovjetunie. Pas sindsdien komt het af en toe voor dat de Veiligheidsraad niet alleen resoluties aanneemt maar deze ook tracht af te dwingen door het zenden van een legermacht. De VN is hierbij echter nog steeds afhankelijk van de bereidheid van de lidstaten om troepen ter beschikking te stellen. Met een beetje goede wil zou men dit echter als een stap kunnen zien op weg naar een wereldfederatie, maar in het huidige tempo en bij de huidige wereldpolitieke constellatie is er dan nog een lange weg te gaan. Of het inderdaad zover zal komen is dan ook nog zeer onzeker.

Meer in de geest van de ideeŽn van Reves is het ontstaan van de Europese Unie, waartoe met de oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal in 1951 en met die van de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie in 1957 de eerste stappen werden gezet. Deze organisaties hadden vanaf het begin federalistische trekken in die zin dat ze over een supranationale autoriteit beschikten die aan de ledenlanden dwingende maatregelen kon opleggen. Inmiddels zijn deze drie organisaties met oorspronkelijk slechts zes leden uitgegroeid tot ťťn alomvattende organisatie met 27 leden met bevoegdheden op velerlei gebied en met een soort van regering, parlement en hooggerechtshof, waarvan de structuur enigszins doet denken aan die van de Republiek der Verenigde Nederlanden (Ī 1579-1795). Er moest echter een diepgaande crisis plaatsvinden (namelijk een bezetting door een buitenlandse mogendheid, i.c. Frankrijk) om van de Republiek een eenheidsstaat te maken. Men kan er natuurlijk over twisten, of een dergelijke eenwording voor de EU gewenst zou zijn. Feit is echter dat in de EU veel van de idealen van Reves verwerkelijkt zijn. Met name zijn door de specifieke structuur van (vooral economische) onderlinge afhankelijkheid en door de hiermee samenhangende wettelijke orde de EU-landen dermate met elkaar verweven geraakt dat oorlog tussen hen onmogelijk is geworden. Het is overigens de vraag of economische afhankelijkheid niet een belangrijker oorzaak is van dit positieve resultaat dan de wettelijke structuur die in de wereld is geroepen om deze te reguleren. Opvallend is dat de EU niet over een eigen legermacht beschikt om in het uiterste geval de genomen maatregelen af te dwingen of om conflicten tussen de ledenlanden te beslechten. Kennelijk is het (economische) belang dat de ledenlanden bij een goed functioneren van de EU hebben zo groot, gepaard gaande met een in laatste instantie positieve instelling tegenover de organisatie, dat de EU geen geweldsorganisatie nodig heeft. Voor zover er al sprake is van de oprichting van een EU leger, wordt hierbij alleen aan mogelijke externe functies voor zoín leger gedacht, niet aan een geweldsinstrument van de Europese Ministerraad of de Europese Commissie dat zich tegen de eigen lidstaten kan richten.

Een ander middel dat door Reves genoemd wordt om de onderlinge banden tussen landen te versterken is een gemeenschappelijke munteenheid. Inderdaad lijkt de invoering van de euro de banden tussen de deelnemende landen alleen maar te hebben verstevigd.

Kritiek

De ontwikkelingen zoals die tot de oprichting van de Europese Unie hebben geleid doen echter de vraag opkomen of het instellen van een wereldregering op zichzelf genomen wel de juiste weg is om oorlog uit te bannen. Reves concludeert tot het belang van het leggen van de soevereiniteit bij een wereldregering op grond van zijn analyse van het verleden. Maar hoe is het zo ver gekomen dat lagere politieke eenheden hun soevereiniteit afstonden aan een overkoepelend orgaan? Het zou mooi zijn, als vandaag de dag naties bereid zijn vrijwillig hun soevereiniteit af te staan. Maar gewoonlijk doen naties zoiets niet om oorlog te voorkomen maar vanwege andere redenen. Lagere eenheden werden in het verleden meestal gedwongen hun soevereiniteit op te geven of ze deden dit bijvoorbeeld om zich beter tegen een vijand te verenigen. Dit zegt Reves ook. De Nederlanden werden door Karel V met militair geweld verenigd, voor zover hij de rechten over bepaalde provincies niet door erfenis had verkregen. Vervolgens bleven de noordelijke provincies verenigd, omdat ze gezamenlijk sterker stonden tegenover een gemeenschappelijke vijand en hiertegen stand wisten te houden. Vandaag de dag zijn het economische belangen die landen bijeen brengt. Schuman en Monet, de vaders van de Europese gedachte, zouden in hun opzet om Duitsland, Frankrijk en een aantal andere Europese staten bij elkaar te brengen nooit geslaagd zijn, als het veilig stellen van de kolen- en staalvoorziening deze landen niet gedwongen had een eerste stap op weg naar een Europese integratie te zetten. Wat Reves echter niet ziet is dat de hiertoe vereiste legale structuur een gevolg was van deze noodzaak en dat deze structuur niet een zelfstandig optredend politiek middel is. Deze indruk krijgt men echter bij Reves. In plaats van te zoeken naar een ideale structuur en het belang hiervan te benadrukken zou het daarom wel eens beter kunnen zijn te zoeken naar integrerende factoren. Vandaag de dag denkt men dan in de eerste plaats aan wederzijdse economische afhankelijkheid.

Hier ligt ook een andere zwakte van Revesí betoog. Reves ziet de weg naar de realisatie van het wereldfederalisme vooral in het stimuleren van de verspreiding van het idee. Maar zoals ik hierboven al heb aangegeven, vindt integratie zelden plaats op grond van ideŽle factoren maar gewoonlijk op grond van reŽle factoren: militaire dwang, economische voordelen, economische afhankelijkheid en dergelijke. Hoe overtuigt men regeringsleiders dat verdragen ook in de toekomst niet voldoende zijn om oorlog te voorkomen maar dat dit alleen mogelijk is als ze hun soevereiniteit afstaan? Hoe overtuigt men mensen dat een wereldregering niet hoeft te leiden tot het opgeven van de eigen identiteit? Of dat een wereldidentiteit misschien veel meer waard is? En misschien vinden sommige regeringsleiders het behoud van de mogelijkheid om zelfstandig oorlog te voeren helemaal niet onwenselijk, omdat hun dit een bepaalde vrijheid van handelen geeft.

In dit verband is het ook van belang dat Reves de verwezenlijking van zijn idee voornamelijk zocht in de benadering van de zittende politieke leiders (vergelijk zijn contacten met Churchill). Mogelijk was het beter geweest het wereldfederalisme in eerste instantie buiten de bestaande politieke structuren om te propageren, vooral als men bedenkt hoe populair Revesí boeken korte tijd zijn geweest. Anderzijds is het wel zo, dat ook de EU vanuit de bestaande politieke structuren tot stand is gekomen.

Een andere kritiekpunt is dat Reves wel heeft voorgesteld om conflicten anders in te kaderen maar, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Gene Sharp, niet naar alternatieve oplossingsmogelijkheden voor conflicten heeft gezocht om het oorlogsgeweld te doen afnemen. Nu blijft ook bij hem geweld in laatste instantie het belangrijkste machtsmiddel, zij het dat het toegepast wordt op een hoger niveau. In termen van Gene Sharp: Reves zoekt wel naar een functioneel equivalent voor de uitoefening van geweld maar niet naar een functioneel equivalent van het geweld zelf.2

Met deze opmerkingen wil ik echter niets aan de betekenis van Revesí idee van wereldfederalisme afdoen. Het heeft veel mensen aan het denken gezet in een tijd van internationaal geweld en het heeft hen geholpen hun gedachten hierover te vormen. Wel heeft zijn idee een andere plaats dan Reves zelf had gedacht. Wereldfederalisme is geen leidend idee voor de herstructurering van het politieke wereldsysteem om zo het oorlogsgeweld uit te bannen, maar het heeft een plaats in samenhang met reŽle integrerende factoren, waarvan economische interdependentie de belangrijkste is. Deze laatste bepalen waar de integratie in eerste instantie moet plaatsvinden (zoals ook bij de EU gebeurd is). Het wereldfederalisme geeft vormen aan die deze integratie kan of misschien wel moet aannemen. Pas bij gebleken succes van de integratie op basis van deze reŽle gronden kan men gaan nadenken over verdergaande samenwerking op gebieden waar de reŽle noodzaak minder dringend is.

Emery Reves, A democratic manifesto, Random House, New York, 1942

Emery Reves, The anatomy of Peace, George Allen & Unwin, Londen, 1945 (later verschenen bij Penguin Books)

noten

1 Dit artikel is oorspronkelijk geschreven voor het webmagazine Geweldloze Kracht van de Stichting voor Aktieve Geweldloosheid (SVAG).

2 Vgl. Gene Sharp, " ĎThe political equivalent of warí. Ė Civilian-based defense", in Gene Sharp, Social power and political freedom, Porter Sargent, Boston, 1980; pp. 195-261.

terug